Loading...
Wandelingen

Een goed begin is het halve werk – West Highland Way part I

conic-hill-whw

‘Nou, hier ergens moet het startpunt zijn’. Zoekend om ons heen kijkend lopen we door Milngavie, een dorpje op 10 km afstand van Glasgow, Schotland. Hier gaat ons grote avontuur beginnen: 154 km wandelen richting het noorden. Na enige tijd ronddwalen, besluiten we terug te lopen naar het station waar we die ochtend aangekomen waren. Onderweg zien we opeens naast het monument dat het officiële startpunt van de West Highland Way aangeeft een enorm bord hangen. Dat bord geeft aan dat de route daar onder begint. Daar hebben we minutenlang naast gestaan… Dat belooft wat.

Een dag eerder kwam ik aan in Glasgow, samen mijn goede vriendin Yoshi. In de stad hebben we gas en eten ingekocht, waarna we gingen logeren bij een jongen met wie we via de couchsurfing website in contact gekomen waren. Yoshi raakte gewond nog voordat we aan ons avontuur begonnen; één van de katten van onze host rende ’s morgens uit de kattenbak vol over haar gezicht. Zat ze opeens rechtop in bed, 4 krassen in de vorm van snorharen op haar wang waaruit bloed stroomde. Gelijk de EHBO kit wat lichter gemaakt. Later bleek deze oorlogswond een goede gespreksstarter te zijn voor de andere wandelaars die we onderweg tegen kwamen.

De rest van die dag verliep ook niet zo soepel. We zaten in de trein onderweg naar Milgavie, toen deze opeens wel heel lang stil stond en opeens ook wel heel leeg was. Bleken we in een kapotte trein te zitten die naar de garage zou gaan. Een vriendelijke voormalig medepassagier zag ons zitten vanaf het perron en kwam snel naar binnen haasten om ons te vertellen dat we beter uit de trein konden gaan. Onze spullen lagen uiteraard allemaal verspreid over de banken. Alles bij elkaar grijpend racen we de trein uit.

En vervolgens verdwalen we dus al voordat we aan onze route begonnen zijn.
Gelukkig hebben we toch het goede pad gevonden en is het tijd om te beginnen. Superblij beginnen we aan onze wandeling. We hebben een paar maanden moeten wachten, maar nu is het eindelijk zover!

 

west-highland-way
Startpunt van de WHW – de beroemde ‘naald’.
Etappe 1 – Milngavie naar Easter Drumquhassle

De route voert ons door het lentegroene Alexander Park en het aangrenzende Mugdock Wood. Daarna maakt het bos plaats voor meer open landschap, langs Craigallian Loch, waar we onze eerste uitzichten op heuvels hebben. Op het pad langs het loch ontmoetten we een Nederlands stel die we later op de route nog regelmatig tegen zullen komen. Elke ontmoeting op de WHW voelt als het maken van nieuwe vrienden, je hebt je grootste passie immers al met elkaar gemeen. We luisteren met open mond als ze vertellen dat ze beiden (inclusief water) minder dan 11 kg op de rug dragen. Kom ik aan met mijn 18/19 kg exclusief het gewicht van ons water…

west-highland-way
Alexander Park
Mugdock Wood

Eerste uitzichten over de heuvels

 

Een stuk verderop loopt het pad over een voormalige trambaan, met aan de zijkant walletjes met bloeiende planten. De eerste tekenen van lente! In de weilanden naast het pad zien we grote groepen blackface schapen met pasgeboren lammetjes. We vinden deze zo schattig dat we het liefst één mee zouden nemen. Maar onze tassen zijn al zo zwaar… Toch maar niet dus.

 

Oude trambaan

Na een droog begin van de dag, slaat het weer opeens om nadat we net onze laatste schuilmogelijkheid passeren. En dan heb het niet over miezerregen, maar over stortregen. Regen die zo hard op je regenkleding klettert dat je niets anders meer kan horen. Regen die zo hard in je gezicht slaat dat het pijn doet. In eerste instantie slaat met het weer ook ons humeur om, maar als snel verandert dat in acceptatie en stug doorlopen. Gelukkig lopen we nu op een minder mooi stukje trail, langs kunstmatig groene weilanden. We houden ons bezig met levensvragen als ‘wat voor naam zullen we onze backpacks geven?’ en zwijgen verder.

 

Eindelijk is het weer droog!

Naarmate we onze eindbestemming van vandaag naderen, beginnen onze lijven meer tegen te strubbelen. We denken steeds ‘aan de andere kant van deze heuvel zal de camping wel zijn’, om vervolgens weer teleurgesteld vast te stellen dat dit gewoon een woning is. Ik stop om een foto te maken van de eindeloze asfaltweg, als ik in de verte Yoshi met haar armen in de lucht zie staan. We hebben ‘Drymen Camping’ bereikt. Zie nu geen Nederlandse luxecamping voor je, we hebben het hier over een grasveld zo groot als de gemiddelde tuin. Wel met een oude schuur met daarin een toilet, douche en picknickbank. Wat zijn we dankbaar voor een dak boven ons hoofd tijdens het eten!

 

Camping gevonden!

 

Teken dat we ons thuis voelen: overal onze spullen verspreiden

 

Etappe 2 – E. Drumquhassle naar Sallochy Camping

Voor mijn gevoel heeft het de hele nacht non-stop geregend. Aan de staat van het grasveld te zien is dat ook zo. Toch voel ik me goed uitgerust en heb ik zin in de dag. In mijn enthousiasme begin ik vast in te pakken. Yoshi doet haar ogen open en zegt met haar randstad-accent en ochtendhoofd: “Halló, ik ben nog geen 2 minuten wakker en je bent al aan het inpakken!”. Wat hebben we de rest van de trip hier nog vaak om moeten lachen.

In de ochtend bleken we buren te hebben. En op de achtergrond zelfs wat zon (niet voor lang)

 

Droog ontbijten in de schuur

 

Poging doen tent te drogen

 

Off we go!

We beginnen de wandeling zoals we de vorige dag geëindigd zijn: in de regen. We wijken een stukje van de route af, heen en weer naar een hotel in het dorpje Drymen. In Milngavie hebben wij namelijk een ‘WHW paspoort’ gekocht, waarin je stempels kunt verzamelen bij hotels die op/nabij de route liggen. We belonen onszelf voor deze extra kilometers met een croissant in het bushokje. We raken aan de praat met de plaatselijke bejaarden, die vol verhalen zitten. Als je met zo’n rugzak op pad bent begint iedereen spontaan zijn wandel- en reisverhalen te vertellen.

Superschattige babies met op de achtergrond dreigende luchten

Vanaf Drymen lopen we een stuk langs een drukke doorgaande weg, waarna we linksaf slaan een boerenpad op met aan weerszijden geel-bloeiende bremmen. De stilte goed voelt na het geraas van de auto’s. Het pad voegde zich bij een breed grindpad dat heuvelop leidt. Eenmaal boven zien we in de verte blauwe vegen in het landschap: de eerste uitzichten over Loch Lomond! En al snel zien we de herkenbare vorm van Conic Hill, de eerste ‘serieuze’ heuvel waar de WHW overheen gaat.

We lopen over een pad door ruig grasland waar ik zo van houd, met aan weerszijden schapen. We hebben heel even droog kunnen lopen, maar dan begint het weer te regenen precies als wij beginnen Conic Hill te beklimmen. Het pad Conic Hill op bestaat uit een soort trap van rotsen. Traplopen met verzuring van de vorige dag plús 19 kg blijkt een hele opgave. Uitzicht hebben we onderweg niet echt, we bevinden ons achter een regengordijn. Eenmaal boven trekt opeens de lucht open en hebben we perfecte uitzichten over het loch. We besluiten naar de top te klimmen, mét rugzakken. Daar op de top waait het zo hard dat we niet eens rechtop kunnen blijven staan, en we besluiten weer af te dalen naar het pad. Een lieve oudere mevrouw staat ons daar met haar vriendinnen aan te moedigen: ‘well done, really!’.

Lopen langs bloeiende bremsen

 

Het teken waar we toch steeds weer naar uitkijken. Op de achtergrond Conic Hill

 

Op dag 2 de enkel al verbonden, Yos kan dat.

 

Conic Hill (‘zij’-aanzicht)

 

 

Mijn favoriete, wilde, Schotse landschap

 

Lekker de beenspieren verzuren

 

Bijna boven, nog even in de regen

 

Lunchen in de zon op Conic Hill, achter ons Loch Lomond

 

Lekker wegwaaien op de top (foto: Yoshi Feijnenbuik)

Vervolgens is het tijd om Conic Hill weer te verlaten. Mijn spieren doen pijn. Mijn knieën ook. De trap naar beneden lijkt eindeloos lang. Ik geniet zo van het uitzicht. Met andere woorden: ik sta enorm te treuzelen. Passerende mensen vertellen ons over en theehuis aan de voet van de heuvel, met heerlijke cake. Yoshi’s woorden vatten goed samen wat er vervolgens gebeurt: ‘Oh, nu kan ze lopen’.

 

We beginnen aan de afdaling, op naar de oevers van het loch

 

Lange trap weer naar beneden, op naar de koffie!

 

Gele schapen op de heuvel. Kijken wij niet meer van op.

 

Beneden wacht ons een ‘kissing gate’, een speciaal soort U-vormig klaphek waar één persoon tegelijk door kan. Yoshi loopt daar nietsvermoedend in, met rugzak op de rug. Vervolgens zit ze klem en wil het hek niet ‘klappen’. Ze kijkt uiterst verbaastd. Ik moet zo hard lachen dat andere mensen zich omdraaien om te kijken wat er aan de hand is. Nu weten we het zeker: onze backpacks zijn te groot. In het theehuis, St. Mocha, in Balmaha kunnen we even bijkomen van alle gekte.

Yos zit vast in de Kissing Gate

 

Loch Lomond

 

Na een uur pauze vervolgen we ons pad langs de oevers van Loch Lomond. Geen regen meer, we lopen zelfs stukken in de zon. De vogeltjes fluiten weer en de zon schittert op het water. Er staat een zacht windje.
Soms loopt het pad door het bos, soms over het strand. Hoewel we hier prachtige wildkampeerplekken zien, kunnen we hier onze tent niet opzetten. In Loch Lomond heb je namelijk te maken met een kampeerverbod. We kiezen daarom voor voor Sallochy camp site, een veld aan het water dat overdag gebruikt wordt als parkeerplaats en voorzien is van toiletten. We koken aan een picknicktafel en genieten daarna van zonsondergang in onze slaapzakjes op het grindstrand.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Etappe 3 – Sallochy Camping naar (nabij) Doune Bothy

De nacht aan het water was koud. Rustig, maar erg koud. Gelukkig mogen we deze ochtend gelijk opwarmen met een flinke klim heuvelop, deels over weer een trap, deels over onverhard pad. Als omaatjes strompelen we naar boven, bij elke bocht stiekem hopend dat het nu toch wel even klaar is met klimmen. Het uitzicht over het loch maakt een hoop goed. De strakblauwe lucht ook.

 

 

Heuvel op, heuvel af, repeat repeat repeat

 

Dankzij de combinatie van kou en inspanning hebben we de hele dag stevige trek. We hebben niet genoeg eten bij ons om tussendoor te kunnen snacken. Oplossing: meer eten kopen. We vragen de receptioniste in een dorpje onderweg waar de volgende supermarkt is. Volgens haar is dat in Inversnaid, een dorpje dat we die dag nog zullen passeren. Met een gerust hart zitten wij verderop op de trail te snacken tegen een hek. Pasta voor lunch, met chocolade als toetje. We spreken twee mannen die aan de bothy verderop gaan werken dat weekend. Ze vertellen ons dat er geen supermarkt in Inversnaid te vinden is… Oeps, wij hebben net onze voedselvoorraad geplunderd. De vriendelijke mannen nodigen ons uit om later met hen in Rowchois een kopje thee te drinken.

Vredige uitzichten over het loch

Onze voedselvoorraden wegeten

Inmiddels is het warmer geworden, en lopen we in T-shirts verder. Een smal pad langs het loch, over kleine strandjes en heuvel op, heuvel af. Zwaar vermoeiend en erg mooi. Hier blijkt ook dat mijn schoenen toch niet goed passen, te breed op de hak. De eerste blaren beginnen zich te vormen. Pleister erop en doorlopen.Hoe langer we dit pad volgen, hoe meer bergen we zien in de verte. En hoe meer we ons op een kop thee verheugen. Na uren verlaat het pad de oever van het loch, het bos in. Al snel vinden we Rowchois bothy, net een stukje van het pad af. De mannen zijn er niet, maar een stukje verderop komen we ze tegen. Ze vertellen ons dat we vandaag beter verder door kunnen lopen dan we van plan zijn. Ze stellen voor dat we het stuk dat bekend staat als ‘het zwaarste stuk van de WHW’, die avond zouden lopen. Reden? De volgende dag komen er 800 ultra-trailrunners over de eerste helft van van de WHW. Zij zouden ons niet kunnen passeren op het erg smalle, wat technischere pad langs het loch. We bedanken voor de tip en passen ons plan aan.
Vervolgens komt één van de mannen aanlopen met handen vol eten. ‘For you, this is our spare food, you need it more than we do’. Noedels, noten, fruit, snickers, etc. Ze wilden niet dat we in de problemen zouden komen. Zulke lieve mensen!

 

 

Smalle paadjes langs het loch

 

Oude ruine in het bos

 

We volgen een breed grindpad totdat de WHW weer overgaat op een smal pad vol klimmen en dalen. Onze benen zijn inmiddels zo verzuurd dat we ze met onze handen omhoog moeten trekken om grote opstappen te kunnen doen. We beloven onszelf een patatje in Inversnaid, een goede motivatie blijkt. Via een brug over een grote waterval bereiken we enige tijd later het hotel in Inversnaid. Meer dan een hotel is in dat ‘dorp’ inderdaad niet te vinden. We moeten ruim een half uur wachten op onze patat, maar vermaken ons uitstekend met de andere gasten op het terras. Zo maken we Duitse vrienden die dagelijks in een hotel slapen en gebruik maken van bagagetransport. Ze verklaren ons voor gek dat we met zulke grote backpacks lopen. Ze proberen ons te overtuigen die avond niet verder te lopen, maar wij zijn vastberaden.

 

Tijd voor patat

 

We worden uitgezwaaid door de gasten en beginnen aan een geitenpad dat maar niet op lijkt te houden. Op en neer, op en neer. Rotsblok op, rotsblok af. Vastgrijpen aan boomwortels, met rugzakken langs bomen manoeuvreren. Geiten passeren die verstoord opkijken maar geen stap verzetten. Ja, dit is echt afzien. We willen opgeven en gaan slapen, maar nergens is een vlakke plek te vinden waar de tent kan staan. We moeten doorlopen, terwijl de zon steeds verder zakt. We komen een groepje gezellige jongens tegen die de route in tegengestelde richting lopen. ‘Hoe lang nog?’ vraag ik. ‘Tot waar?’. Ja, eindpunt Fort William is nog een eind. ‘Tot ergens waar we de tent op kunnen zetten’ zeg ik met mijn vermoeide kop, en ze lachen. Ze vertellen ons dat een stuk verderop een groot grasveld aan het loch ligt.

 

 

 

Wilde geiten op ons geitenpad

 

Bekaf bereiken we een tijd later strompelend het grasveld. Zo moet het voelen om een oase te vinden in de woestijn… We zetten de tent op. Genietend van het uitzicht eten we de noedels die de mannen ons gegeven hebben. Geloof mij, noedels smaakten nog nooit zo goed. De laatste zonnestralen schijnen op de bergtop achter ons en langzaam wordt het donker en koud. En stil, doodstil.

Van deze dag zijn we zo moe dat we de hele nacht doorslapen, hoe koud het ook is.

 

 

 

En verder?

Wil je weten hoe ons avontuur verder gaat? Het vervolg, plus diverse posts over hoe je zo’n tocht aanpakt zullen de komende weken online komen. Blijf op de hoogte via mijn Facebookpagina.

Hoogteprofiel West Highland Way wandelen
Hoogteprofiel van de gehele WHW. In etappe 1 t/m 3 lopen we tot net voor Inverarnan. Bron: www.westhighlandway.org

 

 

Omslagfoto: Yoshi Feijnenbuik